Re-integratie voor mensen met niet aangeboren hersenletsel
bel ons: 06 16088517

Informatie

Home / Informatie

Herseninfarct verschaft inzicht

Op een morgen krijgt Jill Bolte Taylor een herseninfarct. Maar Jill is niet zomaar iemand, ze is een hersendeskundige aan een gerenommeerde universiteit in Amerika. Het verschaft haar een unieke gelegenheid haar eigen falende hersenen van binnenuit te bestuderen. Nadat haar linker hersenhelft volledig is uitgevallen maakt ze kennis met een wereld van stilte en schoonheid die haar leven voor altijd zal veranderen.

Meest voorkomende beperkingen als gevolg van NAH.

  • Gedragsbeperkingen zoals sneller gefrustreerd zijn, impulsiviteit/ontremming, gebrek aan initiatief en prikkelbaarheid of sneller boos zijn, sociale situaties minder goed kunnen inschatten. 
  •  Emotionele beperkingen zoals labiliteit, stemmingswisselingen, onzekerheid/angst. 
  • Cognitieve beperkingen zoals verminderd geheugen, concentratievermogen, vertraagd werk- en denktempo, visuele beperkingen en verminderd zelfinzicht, verminderde mentale belastbaarheid. 
  •  Lichamelijke beperkingen, zoals een verlamming, coördinatiestoornissen, versnelde vermoeidheid, niet kunnen bewegen en tegelijkertijd nadenken. 

 

Deze  beperkingen kunnen de volgende werkgerelateerde beperkingen veroorzaken.

  • Persoonlijk functioneren: werknemer kan al dan niet zelfstandig functioneren of heeft veel of voortdurend hulp of controle nodig.
  • Sociaal functioneren: omgaan met collega’s, leidinggevenden, klanten
  • Communiceren: zien, horen, lezen, schrijven, samenwerken met collega’s aan taken, overleg voeren met één of meer collega’s, deelnemen aan bijeenkomsten.
  • Uitvoeren van werkzaamheden: plannen en coördineren van taken, taakverdeling en verdeling van energie, gebruik van de handen, computer, apparaten, telefoon bedienen, tillen, langdurig zitten/staan.
  • Werktijden: aantal uur per dag/week.
  • Mobiliteit: binnen en buiten verplaatsen, traplopen, gebruik van vervoersmiddelen.
  • Werkomgeving: bereikbaarheid en toegankelijkheid van het gebouw, gebruik van hulpmiddelen, bereikbaarheid met (openbaar)vervoer, wettelijke en financiële regelingen.
Zorg voor goede begeleiding bij arbeids re-integratie door een deskundige met kennis en ervaring met mensen met niet-aangeboren hersenletsel.

Arbeid en hersenletsel

Na een hersenletsel wordt meestal niet direct gedacht aan (terugkeer naar) werk. Herstel van functies en vaardigheden staat in de eerste fase na het letsel voorop. Bovendien is het bij mensen met een niet-aangeboren hersenletsel moeilijk om kort na het letsel een inschatting te maken of arbeid weer mogelijk is.
Toch is het noodzakelijk voor uw medewerker om in een vroeg stadium contact te onderhouden met u als werkgever en afspraken te maken met de bedrijfsarts om een voorlopig plan te maken.
Een belangrijk probleem bij niet-aangeboren hersenletsel is dat de gevolgen vaak onzichtbaar zijn. De medewerker oogt goed, heeft soms geen motorische beperkingen, misschien een vlotte babbel en is gemotiveerd te gaan werken. Eventuele beperkingen komen voor u en mogelijk voor uw medewerker in veel gevallen echter pas naar voren bij doorvragen of gedurende de uitvoering van zijn functie.

Eventuele beperkingen komen voor u en mogelijk voor uw medewerker in veel gevallen echter pas naar voren bij doorvragen of gedurende de uitvoering van zijn functie.

Een neuropsychologisch onderzoek, de F.M.L. en het arbeidsdeskundig onderzoek kunnen helpen om de beperkingen en mogelijkheden t.g.v. het letsel vast te stellen die van invloed kunnen zijn op arbeid(re-)integratie. Op grond van deze onderzoeken kan de arbeidsdeskundige, in overleg met de patiënt en de bedrijfsarts een inschatting maken of het oude werk of ander werk binnen uw organisatie tot de mogelijkheden behoren.

Afhankelijk van deze resultaten dient dan een 1e spoor reintegratie traject vervolmaakt te worden of een 2e soor reintegratietraject gestart te worden.
Gezien de complexiteit van de problemen van mensen met hersenletsel wordt in het algemeen voor de uitvoering van deze trajecten een gespecialiseerd reintegratiebedrijf geadviseerd. Dit gespecialiseerde bedrijf vergroot namelijk de kans dat uw werknemer opnieuw deel kan nemen aan de arbeidsmarkt en verkleint uw kans op verplichte loondoorbetaling.

 

Autorijden na hersenletsel


Door hersenletsel kan de gezondheid van uw medewerker zijn veranderd. Dit heeft mogelijk gevolgen voor zijn of haar rijgeschiktheid. Het beoordelen van de rijgeschiktheid is een taak van de afdeling Medische Zaken van het CBR.

Meldingsplicht
Bij de getroffene rust tegenwoordig de plicht melding te maken van het feit dat hij/zij een beroerte heeft gehad. Wie dit nalaat, hoeft geen angst te hebben om in de gevangenis te komen, want strafbaar is dit niet. Maar op het gebied van uw autoverzekering ligt dat anders:

Wie heeft nagelaten een beroerte of andere belangrijke medische informatie door te geven aan het CBR, is daardoor niet langer verzekerd (zelfs niet als u gewoon uw verzekeringspremie blijft doorbetalen).

Wanneer een arts of andere professional ernstige twijfels heeft over iemands rijvaardigheid, kunnen zij schriftelijk melding maken van de geconstateerde problemen bij het hoofd medische zaken van het CBR, Postbus 3014, 2280 GA RIJSWIJK. Na een melding door een professional volgt altijd actie van het CBR. Betrokkene krijgt dan een oproep voor een verplicht nader onderzoek. Werkt men daar niet aan mee, dan wordt het rijbewijs ingetrokken.

Globaal gezien geldt voor TIA’s en beroertes die niet het gevolg zijn van een aneurysma of andere misvorming van de hersenvaten het volgende:

- Rijbewijzen van groep 1 (motorvoertuigen op 2-3 wielen / personenauto / aanhanger): de termijn gedurende welke men na een TIA of beroerte rij-ongeschikt is, is twee weken indien er geen met de rijgeschiktheid interfererende cognitieve of lichamelijke functiestoornissen zijn.
Indien er met de rijgeschiktheid interfererende cognitieve of lichamelijke functiestoornissen zijn, is er een ongeschiktheid voor 3 maanden, en moet een rijtest worden afgelegd.

- Rijbewijzen van groep 2 (beroepschauffeur): de termijn gedurende welke men na een TIA
of beroerte rij-ongeschikt is, is vier weken, indien er geen met de rijgeschiktheid interfererende functiestoornissen zijn. De maximale geschiktheidtermijn is dan drie jaar.
Zijn er wel met de rijgeschiktheid interfererende functiestoornissen, dan kan men niet geschikt worden verklaard voor groep 2.

Na de genoemde termijnen blijft voor beide categorieën een positief specialistisch rapport vereist.

Als de beoordeling van een revalidatiearts voldoende informatie bevat om de rijgeschiktheid te beoordelen, is na een traumatisch hersenletsel geen specialistisch onderzoek nodig. Is dit
niet het geval dan is een neurologisch keuringsonderzoek, eventueel aangevuld met neuropsychologisch onderzoek verplicht.
Na een traumatisch hersenletsel mag men in het algemeen niet meer als beroepschauffeur werken.
Als er een stabiel beeld is ontstaan en er geen motorische of cognitieve functiestoornissen zijn, dan is autorijden toegestaan voor een periode van vijf jaar. Als er wel functiestoornissen zijn, dan moet een rijtest bij het CBR afgelegd worden die bij een positief resultaat vijf jaar geldig is.
Als de tumor operatief met succes is verwijderd en er geen resterende stoornissen zijn, dan mag men na een keuring maximaal drie jaar als beroepschauffeur rijden. Daarna volgt een herkeuring.
Na een eerste aanval mag men tussen de 3- 6 maanden niet autorijden. Er zijn nogal wat verschillende regels, afhankelijk van de aard en oorzaak en frequentie van de epileptische aanvallen. Hiervoor verwijzen we naar de website van het Centraal Bureau voor Rijvaardigheid: www.cbr.nl.

 

 

Wat is een beroerte?

 

Handige tips!

Brain Tutur laat u hoogwaardige 3D-hersenmodellen zien. Het programma bevat informatie over lobben, gyri, sulci, Brodmann en functionele gebieden van de cerebrale cortex. De verschillende 3D-hersenmodellen kunnen worden onderzocht door simpelweg te klikken op een locatie of door het selecteren van een regio.

Ervaringen

Loading Quotes...